• Authentiek
  • Oprecht
  • Creatief en deskundig

De Fiscale Vuurtoren  ·  weekeditie

Editie zaterdag 30 mei 2026

AI-tips voor accountants en belastingadviseurs — voor wie slim wil werken, sneller wil leveren en meer wil overhouden aan een dossier.

Beste collega,

Korte excuus vooraf. De Vuurtoren van gisteren werd door mijn Tess-verzending ergens halverwege artikel 2 afgeknipt. Niet handig. Om je maandag bij de koffieautomaat tóch onderwerpen te geven om over te beginnen, stuur ik 'm vandaag — op zondag — volledig opnieuw. Sorry voor het ongemak. En welkom (opnieuw).

Ik begin deze editie met iets eerlijks. Geen verhaal over regen of espresso vanochtend. Niets gepoetst.

Donderdagavond rond tien uur kwam ik thuis. De eerste cursus Power Automate achter de rug. Vianen, Van der Valk — mijn favoriete locatie om les te geven. Ik kom er inmiddels zó vaak dat ik bij de receptie niet eens meer hoef te zeggen wie ik ben. Dat is wel een mooi punt. Ik liep binnen, zette mijn tas neer. Natasja ging op bed. Ik ging aan het werk.

Want ik wist wat me te wachten stond. Volgende week dinsdag mag ik de eerste cursus AI-agents geven. Eerste keer dat ik dit materiaal voor een groep neerleg. De presentatie moest af. De handleiding moest herschreven worden. Stap voor stap, zó dat iedereen — wie er ook in de zaal zit — er thuis een werkende mini-agent mee kan bouwen.

Dus ik ging zitten en begon.

En toen kwam dat ding waar ik bij elke nieuwe cursus weer tegenaan loop. Dat dunne lijntje. Vier uur klinkt lang — vier uur is lang — maar als je het hebt over AI-agents in de fiscale praktijk, dan is het tegelijk verdomde kort. Ik wil zóveel mee kunnen geven. Want — en hier komt het — ik herinner me te goed hoe ikzelf vroeger uit PE-cursussen kwam. Lange dagen. Volle mappen. Verstand op nul tegen het einde. En dan was Natasja's eerste vraag in de auto naar huis steevast dezelfde:

"En, wat het wat? Heb je er iets aan gehad?"

En soms — vaker dan ik wil toegeven — zei ik dan: nee. Niet onaardig bedoeld naar de docent. Maar gewoon eerlijk. Te veel slides, te weinig diepte, geen concrete handvatten om maandag iets mee te doen. Dat gevoel. Verloren tijd.

Dat wil ik, nu ik zelf voor de groep sta, koste wat het kost voorkomen. Echt. Het houdt me 's nachts uit mijn slaap. Letterlijk afgelopen donderdag, want ik schrijf dit op zaterdagochtend en de bril staat nog scheef.

Mijn oplossing — en zo schrijf ik dat ook in de presentatie van dinsdag — is dat ik bij elke cursus een e-boek meeschrijf. Niet alsof het een gestencild dictaat is, maar als een echt boek. Waarin staat: hier is wat ik in de zaal verteld heb, hier zijn de stappen, hier is wat ik niet meer kwijt kon in de vier uur, hier is wat je over twee weken nog wilt nakijken. Huiswerk. Maar dan zo geschreven dat het thuis ook nog leuk is om te lezen. Of in ieder geval: niet vervelend.

Donderdagnacht om half twee was het klaar.

Vrijdagochtend om zes uur ging de wekker. Naar kantoor. Cliënten helpen met advies en met aangifte. Want naast trainer en spreker ben ik nog steeds — en eerlijk gezegd: vooral — gewoon belastingadviseur. Daar zit het hart. En dat kantoorwerk wacht niet op een nachtelijke schrijfsessie.

Het is best wel eens zwaar. Dat zeg ik niet om medelijden. Het is gewoon zo. Ik moet er privé veel voor laten. Avonden, weekenden, momenten met de meiden waarvan ik weet dat ik ze niet terug krijg. Dat is een keuze. Geen makkelijke. Maar wél eentje die ik elke maandagochtend opnieuw maak.

En dan — en dit is waarom ik er nog steeds sta — gebeurt er iets in zo'n cursusruimte waar ik niet eens een naam voor heb. Iemand bouwt zijn eerste eigen flow. Of de eerste mini-agent. En je ziet die blik. Die twinkeling. Dat hele kleine moment waarop iemand denkt: oh — dit kan ik dus ook. Dit was geen geheim. Dit is gewoon werk. En ik kan dit.

Voor die blik doe ik het. Tien keer voor één blik. Honderd keer voor één blik.

Op de terugweg draai ik graag Harry Styles in de auto. Standje tien. Ik zing mee. En ik ben dankbaar dat ik dit mag doen.

Dat is de toon waarmee ik deze Vuurtoren wil schrijven vandaag. Niet "kijk eens hoeveel nieuws er was". Wel: dit was de week, deze keer ben ik er extra in gedoken omdat ik dinsdag voor een groep sta die dit moet kunnen plaatsen, en ik wil het hieronder met jou delen op dezelfde manier waarop ik het hen ga vertellen.

En het wás een week. Eerst rond 20 mei een persbericht van Caseware — workflow-native AI-agents, direct in het assurance-dossier — opgepikt door Accountancy Vanmorgen op de 26e. Begin mei had OpenAI al GPT-5.5 Instant uitgerold als nieuwe default voor alle ChatGPT-gebruikers. Op de 28e publiceerde KPMG het Global AI in Finance 2026-rapport: 75% van finance gebruikt nu AI, twee jaar geleden was dat 30%. Op de 26e kwam de AFM met haar jaarrapport Financiële Stabiliteit en een waarschuwing voor AI-fraude: €750 miljoen geschatte schade per jaar door beleggingsfraude. En diezelfde donderdagavond 28 mei, terwijl ik nog aan de handleiding bezig was, lanceerde Anthropic Claude Opus 4.8 met iets dat "Dynamic Workflows" heet. Honderden parallelle subagents in één sessie.

Honderden.

Subagents.

In één sessie.

Ik dacht: dat ga ik dinsdag in de zaal moeten uitleggen. En dat ga ik vandaag aan jou moeten uitleggen.

Ik heb deze editie opgebouwd rond zeven artikelen, een achtste over podcasts die ik deze weken heb beluisterd, en een negende waarin ik twee handboeken aankondig die deze week hun definitieve vorm hebben gekregen — exact dezelfde boeken die ik bij mijn cursussen meeschrijf. Negen items in totaal. Elk op zichzelf de moeite waard, en samen iets vertellend wat ik vorige zaterdag nog niet kon vertellen. De rode draad maak ik aan het eind expliciet, maar je voelt hem onderweg vast al aankomen.

Even ter geruststelling — voor wie ziet "negen" en denkt "oei, daar gaat mijn ochtend" — drie tot vier daarvan zijn kort. Niet omdat ze onbelangrijk zijn, maar omdat ze in een groter verhaal passen. De andere krijgen meer ruimte. Lees in jouw eigen tempo. Pak een tweede beker bij. Loop naar de tuin als je behoefte hebt aan een pauze. Deze editie is geen race. Het is een wandeling.

En sla niets over. Want — en dit zeg ik vanuit ervaring — het derde of vierde artikel komt vaak terug in het zesde. Soms is een ogenschijnlijk losstaand stuk over een nieuw model precies wat het stuk over fraudepreventie nodig had om scherp te worden. Dat zal hieronder ook gebeuren.

En één laatste ding voor we beginnen. Onder alle nieuwsfeiten van deze week ligt namelijk de vraag waar veel van mijn cursisten — verbazingwekkend vaak — naar terugkomen. Niet "welke tool moet ik gebruiken". Niet "wat staat er nu in de wet". Maar: "hoe houd ik vol terwijl alles om me heen verschuift?" Op die vraag wil ik vandaag, met een lichaam dat nog niet helemaal hersteld is van die donderdagnacht en met Harry Styles nog ergens op de achtergrond in mijn hoofd, ook proberen iets te zeggen.


1️⃣Caseware lanceert Verity — en niemand in jouw kantoor heeft er iets van gemerkt

Laat ik beginnen met wat misschien wel het belangrijkste, en tegelijk het minst opvallende, nieuwsfeit van de week was. Caseware. Je kent ze. Of, beter gezegd: ik kan me geen accountantskantoor in Nederland voorstellen dat ze niet kent. De assurance-software waarop een groot deel van de Nederlandse controlepraktijk draait. De software waarin dossiers worden opgebouwd, gevuld, gecontroleerd, ondertekend. Het brein van de controle, eigenlijk.

Op 20 mei heeft Caseware een platform aangekondigd dat ze "Verity" hebben gedoopt. Zes dagen later pakte Accountancy Vanmorgen het op. Ik moest het twee keer lezen voor het echt landde.

Wat is Verity?

Geen chatbot. Geen Copilot-knopje in een hoek van het scherm. Geen "praat met je dossier"-functie waar je dan vragen aan stelt en die je dan een samenvatting geeft. Nee. Verity is een orkestratielaag — Caseware noemt het dat letterlijk — waarin AI-agents directe taken uitvoeren binnen de Prepare Suite, de Plan Suite, de Evaluate Suite en de Report Suite. Met andere woorden: agents die meedraaien in jouw workflow, zonder dat je ze ergens "aanzet". Ze zijn er. Ze doen werk. Hun output landt in jouw dossier.

Lees dat nog eens.

Hun output landt in jouw dossier.

Ik weet dat dit voor iedere accountant onmiddellijk een hele specifieke alarmbel laat afgaan. Wie tekent? Wie reviewt? Wie is verantwoordelijk? Wat zegt VGBA hierover? Wat NV COS? Wat als de agent een verkeerde inschatting maakt? Welke documentatieplicht heb je dan? En allemaal terecht. Maar laten we eerst even kijken wat Caseware claimt.

De doelstelling, zo lees ik in het persbericht: automatisering van 50% van het repetitieve werk in de assurance-engagement-lifecycle. Vijftig procent. Niet een beetje. De helft. Twee van de eerste agents die deze week beschikbaar zijn gekomen:

De Disclosure Checklist Agent — die toetst of een jaarrekening voldoet aan toepasselijke verslaggevingsstandaarden. Caseware claimt: gemiddeld 2,7 reviewuren bespaard per workflow.

De Risk Suggestion Agent — die op basis van meerjarige financiële data plus kwalitatieve bronnen risicovoorstellen genereert voor de planningsfase. Inclusief onderbouwing, ter ondersteuning van risicoanalyse.

En dan komt het stukje dat me echt geraakt heeft. Caseware heeft het over "defensible AI". Elke door AI ondersteunde output is citation-backed, traceable en review-baar voordat het in het dossier terechtkomt. Met andere woorden: ze hebben nagedacht over de juridische en vaktechnische bestendigheid. Niet als sausje. Als ontwerpprincipe.

Waarom dit ertoe doet voor jou

Pak even je laatste controle-opdracht erbij. Niet letterlijk — in gedachten. Denk aan de stappen. De planning. Het opvragen van de proefbalans. Het analyseren van de saldo's. Het opstellen van de risicoanalyse. De interim. De definitieve. De jaarrekeningreview. De onafhankelijkheidsverklaring. De afsluiting.

Hoeveel uur stop je daarin? Hoeveel van die uren ben je écht aan het oordelen? En hoeveel van die uren ben je administratief bezig — opzoeken of een bepaalde post wel of niet apart moet worden toegelicht, bijvoorbeeld? Hoeveel van die uren zijn check-de-checklist-uren?

Caseware zegt: van die laatste categorie halen we de helft eraf. Niet "kunnen we eraf halen ooit". Maar: het is nu live. Op assurance engagements. Workflow-native.

Begrijp me niet verkeerd. Ik ben fiscalist, geen RA. Maar ik weet wat het betekent als 50% van het repetitieve werk uit een gestandaardiseerd proces verdwijnt. Dat betekent dat je tarief onder druk komt. Dat betekent dat je marges veranderen. Dat betekent dat junior medewerkers anders ingezet moeten worden. Dat betekent dat je opleiding anders moet inrichten. Het betekent ook dat de kantoren die dit als eerste integreren een voorsprong krijgen die niet binnen één opdracht in te halen is.

Het is geen nieuwtje meer dat AI in audit komt. We hebben jaren naar dit moment toegewerkt. Maar dit is anders. Dit is geen pilot. Dit is geen "we proberen het in één team". Dit is een wereldspeler in jouw kernsoftware die zegt: vanaf nu zijn er agents. Punt.

Wat ik je aanraad om maandag te doen

Bel maandag je Caseware-vertegenwoordiger. Vraag specifiek naar Verity. Vraag wanneer het in Nederland beschikbaar is. Vraag welke agents nu live zijn. Vraag of er een Nederlandse referentieklant is. Vraag hoe de governance is geregeld — letterlijk: hoe wordt vastgelegd welke agent welke beslissing op welk moment heeft genomen? Vraag hoe je dat in je vaktechnisch dossier opneemt.

En vraag het volgende: stel ik gebruik Verity voor de disclosure checklist op een grote middencat-cliënt, en er gaat iets fout. De jaarrekening blijkt later een omissie te bevatten op een toelichtingsplichtig onderwerp. Wie is er aansprakelijk? Wie zegt aan de NBA: het was de agent? Wat is de positie van Caseware?

Dat is geen onvriendelijke vraag. Dat is precies de vraag die je tijdens je kwaliteitsbeoordeling ook gesteld zou worden. Het verschil tussen kantoren die dit gaan integreren en kantoren die hierin verzeilen, ligt niet in wie het snelst de software aanzet. Het ligt in wie het meest doordacht het governance-vraagstuk beantwoordt.

En oh, ja: ik hoor je denken. "Wat als ik geen Caseware draai?" Dan ga je dezelfde vraag binnen zes maanden krijgen, alleen dan vanuit een andere leverancier. Wolters Kluwer komt met CCH Axcess en hun Copilot-extensie. Visma heeft eigen plannen. Unit4 ook. Het is geen Caseware-fenomeen. Het is een sector-fenomeen.

Waarom dit Caseware-nieuws zo zwaar landt

Wat ik bij vrijwel ieder kantoor zie waar ik cursus geef: AI wordt nu vooral náást het werk gebruikt. Iemand opent ChatGPT, plakt iets, krijgt iets terug, plakt het in een Word-document, drukt het uit voor het dossier, of tikt het over. Slimme mensen. Redelijke aanpak. Maar: ongeïntegreerd, vrijwel niet traceerbaar, vrijwel onmogelijk voor een tweede medewerker om te reconstrueren.

Caseware Verity zegt: dat hoeft niet zo te blijven. AI kán in je werk in plaats van naast. En dat is — wat mij betreft — exact de verschuiving waar onze beroepsgroep nu doorheen moet.

Als dit verhaal jou bekend voorkomt — als je in je eigen kantoor stiekem ziet hoe collega's ChatGPT-antwoorden in Word plakken en uitprinten voor het dossier — dan is dit jouw werk voor de komende drie maanden. Niet meer AI gebruiken. Beter AI gebruiken. Geïntegreerd. Documenteerd. Reviewbaar. Daar zit de kwaliteitsstap.

Een mini-uitwijking: wat betekent "workflow-native" eigenlijk?

Ik wil dit even goed uitleggen, want het is het belangrijkste woord in het hele Caseware-persbericht. En het zal — voorspelling — een van de woorden zijn die volgend jaar bij elke softwarerelease langs gaat komen.

Workflow-native AI is anders dan AI-als-bijgevoegde-tool. Dat is het onderscheid.

Bij AI-als-bijgevoegde-tool open je een chatbot. Je plakt iets erin. Je krijgt iets terug. Je knipt het en plakt het in je dossier. Tussen die handelingen ligt — laten we eerlijk zijn — een berg administratieve risico's. Want welke versie van de prompt was het ook alweer? Welk model? Welke datum? Heeft de chatbot iets verzonnen? Heeft de gebruiker iets ingevuld dat niet had gemoeten?

Bij workflow-native AI gebeurt het anders. De agent zit in het systeem. Het systeem weet welke versie van het model wordt gebruikt. Het systeem weet welke data de agent heeft gezien. Het systeem registreert wat de agent heeft voorgesteld, wie het heeft gereviewd, wie het heeft geaccepteerd of afgewezen, en met welke onderbouwing. Audit trail by design.

Caseware noemt dit "defensible AI". Dat is een prachtig woord. Het impliceert namelijk dat de andere AI — de losse, de chatbot-versie — minder verdedigbaar is. En als je heel eerlijk bent, klopt dat. Een ChatGPT-output die je plakt in een Word-document is niet hetzelfde als een Verity-agent-suggestie die met citation, timestamp en model-versie in je dossier landt. Dat verschil ga je voor de tuchtrechter belangrijk vinden als het ooit zover komt.

Mijn conclusie

Caseware Verity is het stille hoogtepunt van deze week. Niet het hardst geroepen. Niet het meest viraal gegane. Maar wel: degene die over twee jaar terugkijkend de meest fundamentele verandering blijkt te zijn. Workflow-native AI is geen bijgewerkte versie van wat we al hadden. Het is een ander soort tool. Een ander soort werkverhouding.

En je moet er nu mee bezig zijn. Niet morgen. Niet "als het echt nodig is". Maandag. Een mail, een belletje, een uur op de roadmap. Anders heeft de buurman over zes maanden de offerte die jij wilde hebben.


2️⃣De AFM noemt een bedrag: €750 miljoen — en het blijft hangen

Op 26 mei publiceerde de AFM het jaarlijkse rapport Financiële Stabiliteit. Drie waarschuwingen, drie risicogebieden. Ik wil bij één daarvan blijven hangen, omdat het me deze week echt heeft beziggehouden.

AI-fraude.

De AFM zegt het zelf, met die typische AFM-koelte: generatieve AI maakt het produceren van overtuigend nepmateriaal makkelijker. Deepfakes. Synthetische identiteiten. Geautomatiseerde phishing op industriële schaal. En dan komt het bedrag. De schade door beleggingsfraude in Nederland: ongeveer €750 miljoen per jaar.

Ik wil hier even pauzeren. Want we lezen die getallen vaak alsof het abstracte cijfers zijn. Maar laten we het even concretiseren.

€750 miljoen per jaar.

Dat is — voor de orde van grootte — meer dan het volledige budget van een gemiddelde middelgrote provincie. Het is ongeveer driemaal het bedrag dat de Nederlandse overheid per jaar uitgeeft aan kwijtschelding van studieschuld. Het is een veelvoud van wat de hele Nederlandse accountancysector aan boetes en sancties bij elkaar betaalt.

En dit is alleen beleggingsfraude. Dit is niet betaalfraude bij MKB-cliënten. Niet de WhatsApp-CEO-fraude. Niet de identiteitsfraude die je in je controleopdrachten tegenkomt. Dit is één specifieke categorie. En het bedrag groeit. Snel.

Wat dit bedrag concreet maakt: het is geen abstract risico bij iemand anders. Het is iets wat — gegeven het tempo waarin AI-fraude-tooling beschikbaar komt — bij minimaal één van jouw cliënten kan gaan spelen. Het is de soort waarschuwing waarvan ik vermoed dat we hem volgend jaar terugzien, dan met een hoger getal.

Wat we tot voor kort dachten

Tot vorig jaar — letterlijk vorig jaar — kon je je cliënt nog redelijk geruststellen. Phishingmails herken je. Een verdacht telefoontje hoor je. Een onbekende leverancier zoek je op. De vier-ogen-controle bij betalingen werkt, mits goed ingericht. De CFO ken je. Je hoort zijn stem. Je herkent zijn schrijfstijl. Je weet dat hij vrijdagmiddag om vier uur niet ineens een betaling autoriseert naar een onbekende rekening.

Allemaal aannames die de afgelopen achttien maanden snel zijn afgebroken.

Een deepfake-CFO klinkt nu — letterlijk — als de CFO. De accentnuances kloppen. De spreektempo's kloppen. De woordkeuze klopt. Synthetische identiteiten — fictieve personen die bestaan in databases, bij KvK-achtige instituten in andere landen, op LinkedIn, in betaaldata — laten zich tegenwoordig in een namiddag samenstellen. Geautomatiseerde phishing — niet meer die slecht vertaalde mails van vroeger, maar berichten die perfect aansluiten op de context waarin ze worden ontvangen, met namen van collega's, dossiernummers, geloofwaardige tussenvragen — komen in golven.

En jouw cliënt — niet jouw cliënt zelf, maar iemand op zijn financiële afdeling, op een willekeurige donderdagmiddag — ziet die mail. Of hoort die spraakberichten. Of krijgt dat WhatsApp-bericht.

En als je niet uitkijkt is het bedrag al weg.

De rol van de accountant en de adviseur in dit verhaal

Hier wordt het interessant. Want wat doe jij, als accountant of belastingadviseur, met dit soort risico's?

Tot voor kort: je sprak het aan in het managementletter. "Aandacht voor cybersecurity." "Aandacht voor frauderisico's." Twee bullets. Klaar. Misschien een algemeen advies om de IT-leverancier in te schakelen.

Vanaf nu denk ik dat dat onvoldoende is. En niet omdat ik nu opeens cybersecurity-consultant ben geworden. Maar omdat AI-fraude raakt aan de kern van wat wij doen: betrouwbaarheidsverklaringen geven, controles uitvoeren, advies bieden bij financiële beslissingen. Een deepfake-betalingsfraude is geen ICT-incident — het is een financieel incident. En financieel is ons vakgebied.

Dus de vraag is: wat ga je doen?

Een werkbare minimumlat — niet perfect, maar wel iets om mee te beginnen. Niet als sluitend protocol. Wel als startpunt voor een intern gesprek bij jouw kantoor.

Het scenario dat ik in cursussen gebruik

Laat ik een gedachte-experiment schetsen waarmee ik in trainingen werk. Hypothetisch. Maar in mijn inschatting met de huidige AI-tooling realistisch.

Een MKB-cliënt. De ondernemer zit op vakantie. De financieel verantwoordelijke op kantoor krijgt een telefoontje. De stem klinkt overtuigend als die van de ondernemer. Toon, tempo, woordkeuze — kloppen. Een spoedeisende boodschap: er ligt een Spaanse zakelijke kans, er moet vandaag een vooruitbetaling worden gedaan, "stuur ik je zo via WhatsApp de bankgegevens." Een WhatsApp arriveert met de juiste profielfoto, een geldig IBAN-formaat, een plausibel bedrag. De financieel verantwoordelijke autoriseert.

De volgende dag belt de ondernemer terug. Vanuit het buitenland. Hij heeft nooit gebeld. Hij heeft nooit een WhatsApp gestuurd.

Het bedrag is weg. De verzekering vergoedt niet, want het is geautoriseerd door iemand met tekenbevoegdheid. En de vraag die je vervolgens als adviseur op je bord krijgt: "Hoe had ik dit moeten voorkomen?"

Met de huidige stand van deepfake-tooling is dit scenario niet hypothetisch in de zin van "dat zou theoretisch kunnen". Het is hypothetisch in de zin van "het is een kwestie van tijd voordat een vergelijkbare casus bij een Nederlands MKB-bedrijf in de krant komt". En het is onze rol — als accountant of belastingadviseur — om mee te denken over de spelregels waarmee dit minder makkelijk kan gebeuren.

De vier-ogen-controle 2.0 — een werkbare checklist

Stap 1: Bij elke betaling boven de drempel (dat is per cliënt anders, maar bijvoorbeeld €25.000), is er naast de digitale autorisatie minimaal één terugbelactie naar een vooraf vastgelegd telefoonnummer. Niet het nummer in de mail. Niet het nummer in de begeleidende WhatsApp. Het nummer dat in je administratie staat als "geverifieerd contactnummer crediteur".

Stap 2: Bij elke wijziging van betaalgegevens (rekeningnummer, betaalmoment, valuta) is er een verificatie via een tweede kanaal dat NIET het kanaal is waarop de wijziging is binnengekomen. Mail wijziging? Bel. Telefonische wijziging? Mail. WhatsApp wijziging? Geen optie — laat dit überhaupt niet toe.

Stap 3: Voor crediteuren boven een bepaald jaarvolume (bijvoorbeeld €100.000 per jaar) is er periodieke verificatie — eens per kwartaal, eens per halfjaar — van de "ground truth": klopt het rekeningnummer, klopt de tenaamstelling, klopt het adres, met een toets bij de daadwerkelijke crediteur via een eerder geverifieerd contact.

Stap 4: Voor cliëntcommunicatie waarin AI-gegenereerde stem of beeld voorkomt (dit gaat sneller realiteit worden dan je denkt — denk aan de Crowe Nederland-avatar), maak een interne afspraak: AI-stem of -beeld mag NOOIT alleen leidend zijn voor financiële beslissingen. Er moet altijd een menselijke bevestiging zijn die niet via hetzelfde AI-kanaal loopt.

Stap 5: Documenteer dit alles in een fraudepreventieprotocol dat onderdeel wordt van je intake en je periodieke evaluatie van cliënten. Maak het tastbaar. Schrijf het op.

Is dit waterdicht? Nee. Niets is waterdicht. Maar het verlaagt de drempel die een fraudeur moet nemen aanzienlijk. En als er onverhoopt iets misgaat, heb je iets in je dossier waarmee je kunt aantonen dat je redelijke maatregelen hebt genomen.

En de prompt — als je AI wilt inzetten in dit proces

Hieronder een prompt die je kunt gebruiken om een specifiek vermoeden van een poging tot AI-fraude te analyseren. Niet als enige bewijsmiddel. Wel als snelle eerste check. Gebruik 'm in een AI-tool waarvan je weet dat de privacy-instellingen op orde zijn — geen gevoelige cliëntdata in publieke chats.

💡 De prompt die je kunt kopiëren:

"Ik leg je een communicatie voor die ik verdenk van AI-fraude.
Analyseer op de volgende dimensies en geef per dimensie een score van 1 (zeer
waarschijnlijk authentiek) tot 5 (zeer waarschijnlijk AI-gegenereerd of
gemanipuleerd):

1. Toon en stijl: is dit consistent met eerder ontvangen communicatie van
   deze persoon?
2. Druk en urgentie: bevat het bericht onnatuurlijke tijdsdruk of
   psychologische druk?
3. Verificatiekanalen: vraagt het bericht expliciet om actie via één enkel
   kanaal en ontmoedigt het verificatie via een tweede kanaal?
4. Inhoud-context match: passen de feitelijke gegevens (bedrag,
   tegenpartij, timing) bij wat ik op dit moment in mijn dossier zie?
5. Linguïstische markers: zijn er afwijkende formuleringen, ongewone
   beleefdheidsvormen, of overdreven correcte spelling?

Geef vervolgens een totaalbeoordeling én een advies: wel/niet/eerst
verifiëren. Wees expliciet over je onzekerheid.

Hier is het bericht:
[plak hier het bericht]

Hier is de context die ik weet:
[plak hier wat je over de cliënt/situatie weet]"

Voor de duidelijkheid: deze prompt is geen vervanging voor menselijk oordeel. Het is een hulpmiddel om in een drukke werkdag een tweede invalshoek te krijgen. Een soort digitale collega die meedenkt. Hij maakt fouten. Hij ziet dingen niet. Maar hij is sneller dan de zoektocht naar de RA-partner die toevallig ergens in een vergadering zit.

Een tweede, complementaire prompt — voor uitgaande factuurvalidatie

Naast de eerste prompt — die je gebruikt om een binnenkomend bericht te toetsen — wil ik een tweede praktische prompt met je delen. Deze gebruik je voor uitgaande betalingen aan crediteuren waar twijfel over is, of als extra check vóór autorisatie. Dit is geen vervanging voor je interne controlemaatregelen, maar een aanvulling.

💡 Prompt: betalingsverificatie (uitgaand)

"Ik sta op het punt een betaling te autoriseren. Help me een
gestructureerde laatste check te doen.

Hier zijn de details:
- Naam crediteur: [...]
- IBAN: [...]
- Bedrag: [...]
- Onderliggende factuur of opdracht: [...]
- Mailwisseling / bronvermelding: [...]
- Wat ik weet van de crediteur uit eerdere contacten: [...]

Stel mij vijf kritische vragen die ik moet kunnen beantwoorden voordat
ik autoriseer. Wees specifiek over:
1. Verificatie van rekeningnummer en tenaamstelling
2. Plausibiliteit van bedrag versus opdracht
3. Plausibiliteit van timing
4. Eerdere afwijkingen of waarschuwingssignalen
5. Wat ik niet zie maar zou moeten checken

Als je vermoedt dat hier iets niet klopt, formuleer dan expliciet wat
je zou aanraden te onderzoeken voordat ik betaal."

Hou bij beide prompts in het achterhoofd: ze zijn een aanvulling op je oordeel, niet de vervanging ervan. De aansprakelijkheid voor de uiteindelijke beslissing ligt — en blijft liggen — bij jou of bij de persoon met tekenbevoegdheid.

De grotere vraag

De €750 miljoen blijft me bezighouden. Niet alleen omdat het een groot bedrag is, maar omdat het een bedrag is dat — zoals de AFM zelf aangeeft — versneld groeit. Met andere woorden: volgend jaar staat hier een hoger getal. Het jaar daarna nog hoger.

En dat is geen abstract gevaar dat ergens bij iemand anders gebeurt. Dat is iets dat binnen vijf jaar bij minimaal één van je cliënten gaat spelen. Misschien al binnen één jaar. Misschien al deze maand.

Daarom: doe iets. Maandag. Stel die fraudeprotocollenstap op de agenda. Bel die ene cliënt waarvan je nu al weet dat ze kwetsbaar zijn voor dit soort dingen. Schrijf een ledennieuwsbrief, een kort intern memo, een agendapunt voor je MT.

Het verschil tussen kantoren die hier proactief op zijn en kantoren die het pas regelen na het eerste incident, ga je financieel en juridisch terugzien. Dat zeg ik met enige zekerheid. Ik zou niet aan de achterste kant van die scheidslijn willen staan.


3️⃣KPMG zegt: 75% — en ik moet je iets bekennen over die cijfers

Op 11 mei publiceerde KPMG het Global AI in Finance 2026-rapport — een gedegen onderzoek onder 1.013 senior finance leaders in 20 landen en 13 sectoren, allen werkzaam bij organisaties met een jaaromzet vanaf USD 250 miljoen, veldwerk uitgevoerd in maart 2026. Op donderdag 28 mei besprak Accountancy Vanmorgen het rapport voor onze markt. De headlinecijfers volgens die AV-bespreking:

  • 2024: 30% van financiële afdelingen gebruikte AI
  • 2026: 75% gebruikt AI
  • 71%: AI-voordelen gelijk aan of hoger dan verwacht
  • 70%: AI leidt tot betere besluiten
  • 71%: AI leidt tot snellere besluiten

Voor de volledigheid: in KPMG's eigen primaire bron staat het soms iets anders geformuleerd (bijvoorbeeld "ROI meeting (46%) or exceeding (28%) expectations" — dus 74% in plaats van 71%). De AV-cijfers en de KPMG-cijfers refereren niet altijd aan exact dezelfde vraag. Ik laat dat hier expliciet zijn, omdat jij — als professional die met cijfers werkt — dat onderscheid zelf moet kunnen maken.

Ik wil eerst eerlijk zijn met je. Dat moet ik elke keer als ik dit soort cijfers gebruik. KPMG is een belanghebbende partij. Een van de Big Four. Ze hebben een aanzienlijke commerciële AI-praktijk. Hun onderzoek is niet onafhankelijk in de zin dat een universiteit het zou doen. De vraagstelling, de respondenten, de framing — alles is professioneel opgezet, maar binnen een commerciële context.

Dat betekent niet dat de cijfers fout zijn. Het betekent dat ik ze in mijn hoofd kalibreer. 75% is misschien 70%. Of 65%. Of, andersom, misschien zelfs 80% — want senior finance leaders die niet aan een KPMG-survey meedoen, kunnen evengoed wel óf juist niet AI gebruiken. Het is geen volkstelling. Het is een momentopname uit een specifieke groep.

Met die nuance in het achterhoofd: 75% is, hoe je het ook draait, een verbluffend getal. Twee jaar geleden was het 30%. Dat is meer dan een verdubbeling, en dat in een professionele context waarin verandering normaal traag verloopt.

Wat hier nog niet wordt gezegd

In dezelfde Accountancy Vanmorgen-bespreking van het rapport staat een citaat van Marc van Meel, AI-governance-specialist. Ik onthoud die uitspraak omdat hij iets aanstipt wat in de cijfers niet zichtbaar is. Volgens Van Meel zit de echte verandering niet in betere mails of snellere analyses. De echte verandering zit in hoe het werk is georganiseerd. AI wordt steeds vaker geïntegreerd in werkprocessen, en verschuift van standalone-toepassingen zoals ChatGPT naar automatisering binnen workflows.

Lees dat citaat naast het Caseware Verity-verhaal van hierboven, en je ziet hetzelfde patroon. AI-naast je werk wordt AI-in je werk. Dat is de transitie waar we nu in zitten.

En dat verklaart ook — denk ik — waarom de adoptiecijfers nu zo snel gaan. Tot 2024 moest je voor AI-adoptie iemand vinden die de tool wilde gebruiken, die het wilde leren, die het in zijn dagelijkse routine wilde integreren. Dat is werk. Dat is verandering. Dat duurt.

Maar wanneer AI ingebouwd zit in je controle-software, in je tax-software, in je boekhoudpakket — dan hoeft je medewerker niets te kiezen. De AI doet gewoon werk. De gebruiker krijgt suggesties. Die accepteert of wijst af. Adoptie is dan niet meer een keuze. Adoptie is dan standaard.

Het Financial Times-cijfer

In hetzelfde bericht staat nog een interessant cijfer dat de Financial Times heeft gerapporteerd. Bijna 7% van de vacatures bij Big Four-kantoren in Engelstalige landen vraagt nu om AI-kennis. Specifieker: AI-specialisten worden vaker gezocht dan auditors. Lees dat nog eens. AI-specialisten. Vaker. Dan auditors.

Bij Big Four. In Engelstalige landen.

Twee derde van Nederlandse accountantsorganisaties gebruikt of test AI. Dat percentage zat enkele jaren geleden in de twintig procent. We bewegen niet langs een geleidelijke helling. We zitten in een S-curve die zijn steile deel heeft bereikt.

Een korte uitstap: Crowe wordt Crowe Nederland en zet "Louis van Gaal 2.0" in

Vrijdag — een dag voor deze editie — publiceerde Accountancy Vanmorgen een bericht waarvan ik dacht: nu valt er nog een puzzelstukje op zijn plaats. Crowe Foederer heet vanaf nu Crowe Nederland. Tegelijk lanceert het kantoor "Louis 2.0", een AI-avatar van Louis van Gaal — sinds 2024 hun ambassadeur — die ingezet wordt voor events, communicatie en kennisdeling.

Mijn eerste reactie was een glimlach. Louis van Gaal — een man wiens vermogen tot communiceren grotendeels berust op verkeerd uitgesproken Engelse zinnen en kromme metaforen — als digitale avatar. Dat is geen makkelijke opdracht voor een AI. Ik ben benieuwd hoe de eerste uitingen zullen lopen.

Mijn tweede reactie was inhoudelijker. Dit is precies een use case die onder de AI Act-transparantieplicht gaat vallen. Op basis van het politiek akkoord van 7 mei (AI Act Omnibus) is die deadline verschoven van 2 augustus 2026 naar 2 december 2026 — vier maanden uitstel. Maar daarna moet een AI-gegenereerd portret van een publiek persoon, ingezet voor cliëntcommunicatie, herkenbaar zijn als AI. Niet als sausje, maar als harde plicht.

Crowe gaat dat ongetwijfeld goed regelen. Maar het roept de vraag op: hoe regel je het in jouw eigen kantoor? Stel je hebt een welkomsvideo op je website waarin een collega uitlegt wat jullie doen. Stel die video is — voor de helft of helemaal — AI-gegenereerd, met klanken die op een echte collega lijken. Hoe communiceer je dat? In de video zelf? In een disclaimer eronder? In de meta-tags? Heb je daar al een beleid voor?

Ik wil je niet bang maken voor de AI Act. Ik wil je laten zien dat de fase van "experiment in de hoek" voorbij is. Een groot Nederlands accountantskantoor zet publiekelijk AI-avatars in. Dat is geen rariteit meer. Dat wordt — voor wie merk en marketing belangrijk vindt — een nieuwe standaard. En jij, ook in een kleiner kantoor, krijgt vragen van cliënten of stagiairs over hoe jullie hiermee omgaan.

Begin nu na te denken over jullie eigen "AI in communicatie"-beleid. Niet over de techniek. Over de afspraken. Wanneer mag AI worden ingezet voor cliëntcommunicatie? Met welke transparantie? Door wie ondertekend? Welke disclaimer?

Dat zijn vijf vragen waar je in een MT-vergadering een half uur over kunt praten. Doe het.

Wat doe je hiermee, op je eigen niveau?

Niet iedereen werkt bij Big Four. Niet iedereen heeft een AI-budget. Niet iedereen heeft de luxe om een AI-strategie uit te rollen met een aparte projectleider. Maar iedereen heeft de keuze om over twaalf maanden onderdeel te zijn van die 75%, of niet.

Ik zou je de volgende reflectie meegeven. Maak op je laptop een eenvoudig overzicht. Eén kolom: taken die ik deze maand veelvuldig heb gedaan. Tweede kolom: hoe lang per keer. Derde kolom: schatting van hoe vaak AI bij die taak zou kunnen helpen. Vierde kolom: tool die daarvoor geschikt zou zijn.

Voorbeelden van taken die je dan ziet opduiken:

  • Inlezen lange brieven van de Belastingdienst
  • Eerste opzet van een advies aan een ondernemer over rechtsvormkeuze
  • Samenvatting van een wetsuitleg uit een vakblad
  • Antwoord op een cliëntmail met een rechtenvraag die je twee keer eerder hebt beantwoord
  • Voorbereiding van een gesprek met een controleur
  • Opstellen van een memo over een specifieke btw-positie

In al die taken kun je morgen — met een willekeurig betaalbaar AI-account — significant tijd winnen. Niet 70% tijd. Maar gemakkelijk 20-30%. En dat per taak. En dat over een werkweek.

Reken dat sommetje door voor je eigen kantoor. Schat conservatief: 2 à 3 uur per adviseur per week tijdwinst, met een redelijk gebruikt AI-account voor enkele tientjes per persoon per maand. Vermenigvuldig met je bezetting en je uurtarief. Vergelijk met wat een gemiddelde AI-licentie kost. Dan zie je welke kant het sommetje opvalt.

En vertel mij dan welk antwoord je verstandiger vindt: nu beginnen, of wachten tot de buren beginnen.

En één voorbehoud

Ik ben hier optimistisch, maar het gevaar in dit soort verhalen is dat we doorslaan. AI is geen wondermiddel. Het maakt fouten. Het verzint dingen. Het kent je dossier niet. Het kent je cliënt niet. Het kent het Nederlands belastingrecht beter dan vorig jaar, maar nog steeds niet perfect. Een AI-gegenereerd advies dat je een-op-een doorstuurt naar je cliënt — daar gaat het ooit fout. Tuchtrechtelijk, civielrechtelijk, of in cliëntvertrouwen.

De adoptie van AI is niet "AI doet jouw werk". De adoptie van AI is "AI helpt jou je werk slimmer doen, met dezelfde verantwoordelijkheid". Wie dat verschil niet begrijpt, hangt over twee jaar voor een tuchtrechtcollege.

Maar wie dat verschil wél begrijpt, en de tools zijn werk laat in komen — die kan in 2027 het werk doen van anderhalf van zichzelf. Met meer rust. Met meer marge. Met meer aandacht voor de cliëntgesprekken die er echt toe doen.

Dat is de belofte. Eerlijk, mét voorbehoud.


4️⃣Belastingdienst, agentic AI, de OB Negatief-uitspraak en de Big Brother Award — een driehoek die de jouwe is

Nu het ingewikkeldste artikel van vandaag. Ik probeer het overzichtelijk te houden, maar er gebeurt zoveel tegelijk dat ik je vraag om even mee te denken.

We hebben drie ontwikkelingen die elkaar raken, en die voor onze beroepsgroep — belastingadviseurs vooral — direct relevant zijn.

Eén: de Belastingdienst verkent agentic AI

In opdracht van de Directie Innovatie en Strategie heeft de Belastingdienst een toekomstverkenning uitgevoerd naar agentic AI. De term — voor wie hem nog niet eerder is tegengekomen — beschrijft AI-systemen die niet alleen ondersteunen, maar zelfstandig taken kunnen uitvoeren. Niet "geef me een suggestie", maar "doe het". Niet "schrijf een conceptbrief", maar "stuur de brief, met onderbouwing, en volg de reactie op".

Volgens de verkenning biedt agentic AI kansen voor efficiëntere uitvoering en betere dienstverlening, maar vraagt het ook om zorgvuldige implementatie en duidelijke voorwaarden. Het rapport benadrukt het belang van brede AI-geletterdheid in de organisatie. Niet alleen IT'ers, maar ook beleidsmedewerkers en uitvoerders. En het noemt — pakkende term — de ontwikkeling van "automation engineers": medewerkers die procesinhoud combineren met technologische vaardigheden.

Klinkt redelijk, vind je niet? Toch is het belangrijk om te beseffen wat hier wordt aangekondigd. De Belastingdienst gaat — niet vandaag, maar op afzienbare termijn — AI inzetten die zelfstandig handelt. AI die brieven verzendt, naheffingen voorstelt, bezwaarschriften beoordeelt, signalen onderzoekt. Misschien zonder dat een ambtenaar nog elk individueel besluit in handen krijgt.

Ik vind dat een grote stap. Niet per se verkeerd, maar groot. En de juridische, ethische en uitvoeringsvragen die daarbij horen zijn navenant.

Twee: de Rechtbank Den Haag verklaart het OB Negatief-model rechtmatig

Op 22 april 2026 deed Rechtbank Den Haag een uitspraak die in onze branche meer aandacht verdient dan ze nu heeft gekregen. De zaak: een administratiekantoor procedeert tegen de Belastingdienst over het gebruik van het risicoselectiemodel "OB Negatief". Dat is het algoritme dat btw-aangiften filtert op verdachte negatieve aangiften.

De uitspraak: het model is rechtmatig. De Belastingdienst mag het inzetten bij de controle van btw-aangiften.

Voor wie de toeslagenaffaire nog in het bot heeft, voelt dit even tegenstrijdig. Algoritmes mogen wél. Maar als je de uitspraak rustig leest — en dat is mijn aanbeveling — is het niet zo ontnuchterend. De rechtbank toetst op een aantal kernpunten: is het model proportioneel? Is de uitkomst toetsbaar en uitlegbaar? Wordt de uiteindelijke beslissing nog door een mens genomen? Heeft de belanghebbende de mogelijkheid bezwaar te maken? Op al die punten oordeelt de rechtbank: voldoende.

Wat de uitspraak in feite zegt is: algoritmische risicoselectie is niet per definitie onrechtmatig. Het hangt af van hoe het is ingericht, hoe transparant het is, hoe het wordt gevolgd door menselijke beoordeling.

Dat is een belangrijke uitspraak. Voor de Belastingdienst, omdat het hen een kader geeft. Maar ook voor jou.

Drie: tegelijkertijd krijgt de Belastingdienst de Big Brother Award 2026

Op 20 februari 2026 reikte Bits of Freedom — de Nederlandse digitale-rechten-organisatie — de twintigste Big Brother Awards uit. De Belastingdienst kreeg de expert-prijs. De expertjury constateert dat de Belastingdienst onrechtmatig algoritmen blijft inzetten. Volgens hun analyse voldoet ongeveer de helft van de circa honderd ingezette algoritmen niet aan wettelijke vereisten — denk aan documentatieplichten, transparantievereisten, impact-assessments.

De Belastingdienst heeft gereageerd. Een woordvoerder bevestigde dat de organisatie algoritmen "op een meer verantwoorde manier" wil inzetten, maar benadrukte ook dat de fiscus niet zonder algoritmes kan bij de controle op miljarden belastinginkomsten.

Ruim twee maanden later staat de OB Negatief-uitspraak (22 april 2026). Een rechter zegt: dit specifieke algoritme is wel oké. Bits of Freedom zegt: de helft van wat jullie doen is dat niet.

Beide kunnen waar zijn. Vermoedelijk zijn beide waar.

Wat betekent dit voor jou als belastingadviseur?

Hier wordt het concreet. Drie reflecties.

Eerste: je hebt nu een uitspraak waarin een rechter zegt dat AI-risicoselectie rechtmatig kan zijn, mits aan voorwaarden is voldaan. Dat is niet "carte blanche voor de fiscus". Het is een toetsbaar normenkader. Voor jouw cliënt — als die ooit zegt: ik denk dat de fiscus mij ten onrechte heeft geselecteerd op basis van een algoritme — heb je nu jurisprudentie. Niet als vrijbrief, maar als toetsingskader. Dat is goed nieuws.

Tweede: je hebt tegelijk de Big Brother Award als signaal dat lang niet alle algoritmen waarmee jij cliënten tegenkomt, voldoen aan de eisen. Dat betekent dat je als adviseur in een procedure tegen een aanslag of een naheffing — meer dan ooit — kunt vragen om transparantie over het gebruikte selectiemodel. Welk algoritme is ingezet? Wanneer is daarvan een DPIA gemaakt? Wanneer is het laatst geëvalueerd? Welke false positive rate had het?

Veel van die vragen gaan onbeantwoord blijven. Maar het stellen ervan is — gegeven de huidige juridische én politieke realiteit — niet meer een vreemde vraag. Het is een redelijke vraag. En de Belastingdienst moet ermee leren omgaan.

Derde: als de Belastingdienst zelf agentic AI gaat inzetten — AI die brieven schrijft, naheffingen voorstelt — dan komt er een nieuwe categorie bezwaarmogelijkheden bij. Want hoe stel je vast wat de motivatie was van een geautomatiseerd genomen besluit? Hoe toets je proportionaliteit als de afwegingen door een agent zijn gemaakt? Welke rol speelt menselijk toezicht?

Ik denk dat we de komende drie tot vijf jaar een hele nieuwe stroom jurisprudentie gaan zien rondom geautomatiseerde besluitvorming in fiscale zaken. Jouw vak verandert mee.

De spelregels die je morgen al kunt hanteren

Een mini-checklist voor verantwoord AI-gebruik in fiscale dossiers — voor jouw kantoor, voor jouw cliënten, en als spiegel voor het gedrag van de tegenpartij:

1. Transparantie: documenteer welk AI-systeem voor welke taak is ingezet, met datum, model-versie en input.

2. Menselijke beoordeling: elke AI-output die jouw advies vormt, krijgt een menselijke check vóór verzending.

3. Bronvermelding: bij elke AI-output die externe feiten claimt, verifieer de bronnen handmatig.

4. Cliëntcommunicatie: vermeld in algemene voorwaarden dat AI-tooling wordt ingezet en op welke manier.

5. Audit trail: bewaar prompts, outputs en menselijke wijzigingen voor je dossier.

Dit zijn geen exotische eisen. Dit is — in de termen van de AI Act-transparantieplicht die volgens het politiek akkoord van 7 mei 2026 (AI Act Omnibus) ingaat op 2 december 2026 — gewoon vertaald naar je dagelijkse praktijk.

En de fiscus zelf?

Aan de Belastingdienst zou ik dezelfde lat aanleggen. Op het moment dat zij agentic AI gaat inzetten — en dat is voor zover ik kan inschatten een kwestie van een paar jaar, niet tien — moeten dezelfde eisen gelden. Transparantie. Documentatie. Menselijk toezicht. Toetsbaarheid. Recht op uitleg.

Dat klinkt voor de hand liggend. Maar de Big Brother Award bewijst dat het in praktijk niet vanzelfsprekend is. En jouw rol — als adviseur, als procesvertegenwoordiger, als woordvoerder van een cliënt die niet zelf het kennisniveau heeft — is om die eisen wel te blijven stellen.

Niet omdat AI fout is. Maar omdat onbeheerste AI fout is. Bij ons. Bij de fiscus. Bij iedereen.


5️⃣AI Act omnibus: Brussel geeft uitstel — maar verandert dat iets voor jou?

Op 7 mei 2026 — drie weken geleden — bereikten Raad en Parlement van de EU een politiek akkoord over de zogenoemde AI Act Omnibus. Het pakket schuift de deadline voor compliance van hoog-risico AI-systemen op: van 2 augustus 2026 naar 2 december 2027. Adoptie van de tekst wordt verwacht in mei of juni — dus deze maand of de volgende.

Als je dit leest en denkt: "fijn, weer een jaar de tijd" — dan wil ik graag dat je nog vijf minuten meeleest. Want het uitstel klinkt geruststellender dan het is, en op vier punten verandert er voor jou helemaal niets.

Wat verschuift, en wat niet

Wat verschuift volgens het akkoord:

  • Hoog-risico AI-systemen, standalone (Annex III): deadline van 2 augustus 2026 → 2 december 2027
  • Hoog-risico AI-systemen, ingebed in gereguleerde producten (Annex I): deadline naar 2 augustus 2028
  • Transparantie-/watermerkverplichtingen (artikel 50 lid 2): deadline 2 augustus 2026 → 2 december 2026 — vier maanden later, dus niet langer zoals oorspronkelijk; dat is een belangrijke nuance
  • Nieuw verbod op AI voor non-consensueel intiem materiaal en CSAM: vanaf 2 december 2026

Wat NIET verschuift:

Eén. De transparantieverplichtingen komen er nog steeds — vier maanden later dan oorspronkelijk gepland. Voor systemen die met mensen interacteren of inhoud genereren — chatbots, deepfakes, gegenereerde teksten en beelden — gaan de transparantieplichten op 2 december 2026 in. Een AI-chatbot voor cliëntcontact op jouw website moet vanaf die datum herkenbaar zijn als AI. Gegenereerde content die je gebruikt in cliëntcommunicatie moet gemarkeerd zijn. Crowe Nederland en hun Louis 2.0-avatar krijgen hiermee te maken. Maar ook jij, als je een GPT-bot op je site hebt staan.

Twee. Boetes blijven dezelfde orde van grootte: tot €35 miljoen of 7% van wereldwijde jaaromzet. Voor de meeste kantoren in Nederland is dat een hypothetisch maximum, maar het signaal is duidelijk: dit is geen vrijblijvende regelgeving.

Drie. De Nederlandse uitvoering loopt nog steeds achter. De AP heeft begin 2026 al expliciet opgeroepen dat het kabinet haast moet maken. Op dit moment is nog niet voor alle hoog-risico-gebieden duidelijk wie er in Nederland het toezicht gaat doen. De AP en de RDI krijgen sleutelrollen, maar de invulling is nog niet rond. De AP start een sandbox waarbinnen organisaties hun AI-systemen kunnen testen onder begeleiding van toezichthouders.

Vier. Voor accountants en belastingadviseurs blijft de governance-vraag dezelfde. Niet wachten tot december 2027. Wel nu — ruim voor december 2026 — een interne AI-inventarisatie maken: welke AI-systemen gebruik ik in mijn praktijk, op welke schaal, met welke data, en hoe is de governance ingericht?

Belangrijke disclaimer: dit is een politiek akkoord dat nog formeel moet worden aangenomen (verwachting: vóór 2 augustus 2026). De definitieve tekst kan op details wijzigen. Volg de officiële publicatie in het EU Publicatieblad voordat je hier compliance-beslissingen op baseert.

Een concrete oefening voor maandag

Ik wil je een werkblad meegeven dat je over twee uur kunt invullen. Het is geen formele DPIA. Het is een gestructureerde inventarisatie.

💡 De AI-inventarisatie voor je kantoor (50 minuten werk):

Voor elk AI-systeem dat je gebruikt — ChatGPT, Claude, Copilot,
NotebookLM, een ingebouwde functie in je controlesoftware, een
boekhoudplugin met AI, alles — beantwoord deze tien vragen:

1.  Naam van het systeem en leverancier
2.  Welk type taak ondersteunt het? (samenvatten / genereren /
    analyseren / beslissen / communiceren)
3.  Welk type data wordt erin verwerkt? (algemeen / persoonsgegevens /
    bijzondere persoonsgegevens / bedrijfsgevoelig)
4.  Waar staat de data? (EU / VS / onbekend)
5.  Is er een verwerkersovereenkomst?
6.  Is de output altijd menselijk gereviewd voor gebruik?
7.  Communiceert dit systeem direct met cliënten? (zo ja:
    transparantieplicht per 2 december 2026, na AI Act Omnibus-uitstel)
8.  Welke risicocategorie volgens AI Act? (verboden / hoog risico /
    beperkt risico / minimaal risico)
9.  Wie is binnen het kantoor verantwoordelijk?
10. Wanneer is dit voor het laatst geëvalueerd?

Dit overzicht — vijf tot tien systemen, een uurtje invullen — is je basis. Bewaar het ergens waar je 'm terugvindt. Update het elk kwartaal. Wanneer er een incident is, een vraag van een cliënt, of een toezichthouder belt — heb je iets in handen. Geen waterdichte verdediging, maar wel: je hebt erover nagedacht. Dat scheelt enorm.

Mijn mening over het uitstel

Voor de volledigheid: ik denk dat het uitstel — voor hoog-risico-categorieën — verstandig is. De infrastructuur voor toezicht is nog niet klaar. De normen zijn nog niet uitgekristalliseerd. Een jaar extra geeft EU én lidstaten ruimte om dit goed neer te zetten in plaats van overhaast.

Maar voor jou en mij verandert het maandag weinig. De transparantieplichten gaan door. De governance-vraag verandert niet. De adoptie van AI in onze beroepsgroep gaat sneller dan welke wetgever ook bij kan benen. Je wettelijke en tuchtrechtelijke verantwoordelijkheid voor zorgvuldig AI-gebruik blijft staan — onafhankelijk van of Brussel daar specifieke regels voor heeft uitgewerkt.

Dus: het uitstel is geen excuus. Het is hooguit een ademruimte om het goed te doen.


6️⃣De stille upgrade van je werkbalk: NotebookLM video overviews, Gemini Spark en wat ze samen vertellen

Tot slot een lichter, maar daarom niet minder belangrijk artikel. Twee tool-updates die deze maand bij Google zijn aangekondigd en die — als ze de Nederlandse markt halen — direct in jouw werkbalk komen te staan.

NotebookLM krijgt video overviews en interactieve modus

NotebookLM — Google's notitietool met AI — was tot voor kort vooral bekend om de "Audio Overview"-functie: laadt je documenten in, krijgt een 15-minuten podcastgesprek tussen twee AI-stemmen terug. Veel mensen in onze branche gebruiken het al. In trainingen die ik geef zie ik regelmatig dat zalen binnen een paar minuten zichtbaar verbaasd zijn over wat met deze functie mogelijk is.

Nu zijn er nieuwe formats. De Lecture-modus: in plaats van een gesprek, een 30-minuten college van één AI-host. Praktisch voor mij als trainer, ja, maar ook voor de fiscalist die een complex onderwerp — pas op, daar komt-ie: bijvoorbeeld de samenloop van Box 3, Box 2 en aanmerkelijk-belang-claim bij emigratie — in een college-stijl wil verwerken om mee te luisteren in de auto.

Video Overviews: niet alleen audio, ook beeld. Dat is een ander soort tool. Een visuele samenvatting van een dossier. Bruikbaar voor cliëntpresentaties, intern overleg, kennisdeling.

Interactive Mode: tijdens het luisteren naar de audio kun je "de hand opsteken". Vragen stellen. De AI antwoordt en gaat dan verder. Dat verandert het karakter van het medium. Het wordt geen passief audioboek meer maar een gesprek waarbij je tussendoor — letterlijk — de podcast kunt onderbreken. En 80 talen worden ondersteund. Voor multinationale dossiers of buitenlandse cliënten kan dat heel praktisch zijn.

Een concrete use case voor jou

Stel: je hebt een nieuwe cliënt. Je krijgt een dossier met jaarrekeningen van vijf jaar, drie statuten, contracten, brieven van de Belastingdienst. Honderd pagina's. Misschien tweehonderd.

Klassiek: je leest het allemaal. Drie uur. Vier. Soms langer. Daarna pak je je memorecorder of je notitieblok en ga je je gedachten ordenen.

Met NotebookLM: je upload alle stukken. Je vraagt een Audio Overview in lecture-modus. Dat geeft je in 30 minuten een gestructureerd overzicht — luister terwijl je fietst, in de auto, of op de loopband. Als er iets is wat je niet goed begrijpt: hand opsteken. Vraag stellen. AI duikt dieper in dat specifieke punt.

Daarna — pas dan — open je het dossier zelf. Met een mentaal model dat al gevormd is. Je leest niet meer van nul af aan. Je leest met richting.

Dat is geen toekomstmuziek. Dat is — voor wie het echt probeert — vandaag al werkelijkheid.

Gemini Spark: AI op de achtergrond

Op Google IO 2026 — half mei — kondigde Google een nieuwe richting aan. Gemini Spark. Een persoonlijke AI-agent die op de achtergrond werkt. Niet in een chatvenster. Niet als pop-up. Maar gewoon — onzichtbaar — bezig in je Gmail, je Docs, je Slides.

Wat doet Spark? Analyseert mails. Vat vergadernotities samen. Herkent terugkerende abonnementen op je bankafschrift. Maakt je dag overzichtelijk via een Daily Brief — een persoonlijke ochtendbriefing die gegevens uit agenda, herinneringen en reisplannen combineert.

Voor de fiscalist of accountant betekent dit iets eigenaardigs. Tot nu toe was AI vooral iets dat je actief moest aanzetten. Open je AI-tool. Type een vraag. Krijg antwoord. Bij Spark verschuift dat. AI zit gewoon op je laptop en doet dingen. Soms zelfs zonder dat je het door hebt.

Dat is, denk ik, het laatste richtingsbordje dat we nodig hadden om duidelijk te maken waar we naartoe gaan. Niet AI als tool. Niet AI als chatbot. AI als laag op alles wat je doet. Op de achtergrond. Soms zichtbaar, vaak niet.

De Europese kanttekening

Belangrijk: Gemini Spark wordt eerst in Engelstalige markten uitgerold, en pas daarna — gefaseerd — naar de EU. Reden: technische én juridische toetsing tegen onder andere AVG en AI Act. Dat is goed, want dat is precies waarom we de AI Act hebben.

Maar het betekent ook dat als je vandaag wilt experimenteren — je dan met VPN of via een internationaal account dingen kunt zien die hier nog niet beschikbaar zijn. Doe dat niet met cliëntdata. Doe dat alleen met eigen, niet-vertrouwelijke testdata. Houd je experimenten gescheiden van je productie-omgeving.

Wat ik je aanraad: één tool per kwartaal

Mijn praktische advies voor wie nog niet in de adoptie-S-curve van KPMG hierboven zit: kies elk kwartaal één tool. Eén. Doe daar drie maanden mee. Niet één keer "ik heb het gezien", maar drie maanden geleidelijk integreren in je werk.

Mijn voorstel voor Q2 2026: NotebookLM. Niet omdat het de duurste of meest geavanceerde tool is. Maar omdat het binnen één week resultaat geeft, gratis is voor de basisversie, en in een fiscale of accountancy-praktijk binnen twee weken tijdwinst oplevert.

Voor Q3 2026: Claude (Pro of Enterprise, afhankelijk van schaal en budget) of GPT-5.5 Pro. Een echte tweede-generatie chatbot in je dagelijkse werkstroom.

Voor Q4 2026: een workflow-native AI in je vakssoftware. Caseware Verity als je in audit zit. Een soortgelijke functie in je tax of boekhoudsoftware.

Voor Q1 2027: agentic AI. Voor de mensen die het écht willen begrijpen.

Stuur me een mailtje als je deze planning per kwartaal samen wilt uitwerken. Dat doe ik gratis — niet als marketing, maar omdat ik denk dat we elkaar in dit soort tempo's kunnen helpen.


7️⃣Anthropic Claude Opus 4.8, Dynamic Workflows en het tijdperk van honderd parallelle subagents

We sluiten af met het meest sci-fi-klinkende artikel van vandaag. Maar ik beloof je: het is concreet, en het raakt jou.

Op donderdagavond — 28 mei, om precies te zijn — heeft Anthropic Claude Opus 4.8 uitgebracht. Slechts 41 dagen na Opus 4.7. De cadans waarmee deze modellen verschijnen is op zich al een signaal. Niet meer "het grote nieuwe model van het jaar". Maar iteratie. Steeds dichter op de huid van de gebruiker.

De kerncijfers van 4.8:

  • Verbeteringen op alle gangbare benchmarks
  • "Honest about progress" — Anthropic legt expliciet de nadruk op het minder maken van verzonnen claims
  • Sharper judgement — beter oordeel onder onzekerheid
  • Langer zelfstandig werken — meer continuïteit binnen een sessie
  • Zelfde prijs als 4.7 ($5 per miljoen input tokens, $25 per miljoen output)

Dat alleen al zou onderwerp van een artikel kunnen zijn. Maar de echte bom is het nieuwe stuk: Dynamic Workflows.

Wat zijn Dynamic Workflows?

Tot nu toe werkte AI ongeveer zo: jij stelt een vraag, het model antwoordt. Of: jij stelt een complexere taak, het model loopt stap voor stap. Of: jij koppelt het model aan tools (een database, een spreadsheet, een browser), en het gebruikt die tools sequentieel.

Dynamic Workflows verbreekt die sequentie. Claude plant een taak en — let op — draait dan honderden parallelle subagents binnen één sessie. Elke subagent doet een deeltaak. Tegelijkertijd. De main agent verzamelt de output, verifieert die, en koppelt pas dan terug naar de gebruiker.

Het is een industriële-assemblagelijn-aanpak van AI. Niet één robot die één auto bouwt. Een hele lijn, simultaan, met honderden assemblagestations.

Op dit moment is Dynamic Workflows beschikbaar in research preview, alleen op Claude Code, en alleen op Enterprise, Team en Max plans. Het is dus nog niet iets dat je zaterdagochtend zomaar opent. Maar het signaal is duidelijk: dit is waar het heengaat.

Wat betekent dit voor jouw werkdag?

Stel je voor: een MKB-cliënt vraagt om een rechtsvormvergelijking. BV versus eenmanszaak. Inclusief fiscale gevolgen, civielrechtelijke implicaties, financiële prognoses bij verschillende winstniveaus, en een advies.

Vandaag doe je dat zo. Je verzamelt de cliëntgegevens. Je rekent door wat de jaarwinst zou kunnen zijn. Je past de fiscale parameters toe. Je vergelijkt scenarios. Je schrijft een memo. Vier tot zes uur werk, afhankelijk van complexiteit.

Met Dynamic Workflows kan een AI agent — straks, niet vandaag — dat proces zo opdelen:

  • Subagent 1: haal cliëntgegevens op uit het dossier
  • Subagent 2: bereken de IB-positie bij verschillende winstniveaus voor eenmanszaak
  • Subagent 3: bereken de VPB+IB-positie bij verschillende winstniveaus voor BV
  • Subagent 4: identificeer specifieke fiscale faciliteiten (zelfstandigenaftrek, MKB-winstvrijstelling, innovatiebox-mogelijkheden)
  • Subagent 5: identificeer civielrechtelijke implicaties (aansprakelijkheid, opvolgingsmogelijkheden)
  • Subagent 6: zoek relevante recente jurisprudentie
  • Subagent 7: bouw scenariomatrix
  • Subagent 8: schrijf concept-memo
  • Subagent 9: verifieer alle gebruikte cijfers tegen bronnen
  • Subagent 10: review en verbeter conceptmemo op consistentie

Tien subagents. Parallel. In de tijd waarin jij vroeger één van die taken zou doen — twintig minuten misschien — is de hele klus af.

Dat is geen toekomstmuziek meer. Dat is — voor wie Claude Enterprise heeft en met Claude Code werkt — vandaag.

De kanttekeningen — drie sterke

Eén. Verificatie. Het systeem doet zelf-verificatie, maar zelf-verificatie van een AI is altijd beperkt. Voor onze beroepsgroep blijft de gouden regel staan: je tekent voor de uitkomst, niet voor het proces. Je moet als adviseur — voor zover de cliënt jou heeft ingehuurd voor je oordeel — de inhoudelijke check kunnen rechtvaardigen.

Twee. Aansprakelijkheid. Als tien subagents tien deelresultaten produceren en daar verschillen tussen zitten, wie verzint de uiteindelijke synthese? En als die synthese fout is — wie is dan aansprakelijk voor het fout zijn? De jurisprudentie hierover is nog in ontwikkeling.

Drie. Privacy en geheimhouding. Honderd subagents die tegelijk werken op een dossier — waar landen al die intermediate outputs? Welke data gaan over welk net? Voor cliëntgegevens en beroepsgeheim zijn dit niet-triviale vragen. Anthropic heeft een goede track record op enterprise-privacy, maar dat ontslaat ons niet van due diligence.

Hoe je dit op je horizon houdt — zonder direct alles op te zetten

Niet iedereen heeft of wil nu een Claude Enterprise-licentie. Dat is prima. Maar wat ik je wel zou aanraden:

Maak een denkoefening. Pak een dossier dat je deze week hebt gedaan. Schrijf op welke deelhandelingen je hebt verricht. Vraag jezelf af: welke van deze deelhandelingen kun je in principe delegeren aan een AI-agent, met menselijke check op het einde?

Dat aantal — dat percentage — is jouw "AI-leverage". Vandaag is dat bij de meeste fiscalisten 5-10%. Volgend jaar zit het richting 25-40%. Het jaar daarna richting 50-70%, denk ik.

Waar zit het verschil tussen wie tot die laatste percentages komt en wie achterblijft? Niet in tools. In houding. In de vraag of je nieuwsgierig bent. In de vraag of je het belangrijk vindt. In de vraag of je vrijdagavond een uurtje wilt experimenteren met een gratis Claude- of ChatGPT-account.

Veel meer is het niet. Eerlijk.

Even iets korts over GPT-5.5

Voor de evenwichtigheid: OpenAI heeft begin mei GPT-5.5 Instant uitgerold als default voor alle ChatGPT-gebruikers. Hetzelfde nieuws — een betere ondergrens. OpenAI claimt 52,5% minder hallucinaties op high-stakes prompts in medisch, juridisch en financieel.

Dat percentage is opmerkelijk hoog en ik kalibreer het: het is een claim van OpenAI zelf, op interne benchmarks. Onafhankelijke validatie is er nog niet. Maar zelfs als het in werkelijkheid 30% is in plaats van 52% — dat is significant. Voor onze beroepsgroep, waar elke verzonnen jurisprudentieverwijzing een tuchtrechtelijk probleem kan worden, is "minder verzinnen" altijd goed nieuws.

Conclusie: de twee grote spelers (Anthropic en OpenAI) bewegen onafhankelijk maar tegelijk in dezelfde richting. Sneller. Eerlijker. Meer parallel. Minder hallucinatie. Dat is de modelmacro-trend van mei 2026.


8️⃣Podcasts om mee te luisteren — wat de oren deze weken oppikten

Cursisten vragen me regelmatig hoe ik dit allemaal bijhoud. Eerlijk antwoord: gedeeltelijk via luisteren. In de auto onderweg naar een cursus. Op de loopband. Podcasts zijn mijn tweede informatiestroom. Ik wil hieronder de afleveringen van de afgelopen weken delen die mij iets gaven, met de korte reden waarom.

Eerlijk: niet alles van deze lijstjes ga je geweldig vinden. Smaken verschillen. Maar als één of twee ervan blijven hangen, is dit deel van de Vuurtoren al de moeite waard.

1. AI Report (Alexander Klöpping & Wietse Hage) — wekelijks, Nederlands

De vaste waarde. Klöpping en Hage praten elke week door het AI-nieuws en proberen — eerlijk en met humor — te duiden wat het betekent. De aflevering van 7 mei 2026 — "Anthropic: de laatste uitvinding komt in 2028 + Microsoft Copilot is opeens goed geworden?" — was wat mij betreft een paar weken later nog actueel. Vooral het Copilot-stuk: de hosts merken op dat de Microsoft 365 Copilot in twee jaar tijd van een matige demo naar een redelijk bruikbare tool voor finance-werk is geëvolueerd.

Ze hebben ook een aflevering rond 21 mei waar ze ingaan op het Google IO-nieuws, en een aflevering rond 28 mei. Voor wie geen tijd heeft om alles bij te houden — dit is een 30-minuten-per-week investering die behoorlijk wat oplevert.

2. Lekker werken met AI (BusinessWise, gepresenteerd door Sascha Worung) — Nederlands

Sascha Worung praat met experts en praktijkmensen over hoe je AI praktisch inzet — zonder de technische diepgang van Tweakers of de hype van Amerikaanse tech-podcasts. Iets meer "wat doe ik er maandagochtend mee" en iets minder "wat is een transformer-model". Dat past goed voor onze beroepsgroep. Geen specifieke fiscale focus, maar de parallellen zijn snel getrokken.

3. AIToday Live (Joop Snijder & Niels Naglé) — twee keer per week, Nederlands

Twee afleveringen per week — maandag een dieptegesprek met een gast, donderdag een korte aflevering waarin Joop zijn eigen praktijkervaring deelt. Deze podcast is sterk in het pragmatische. Het is — sorry voor het cliché — een keukentafelgesprek, maar dan goed.

De recente afleveringen die ik gehoord heb gingen onder andere over verantwoord AI-gebruik in organisaties, over hoe je mensen meeneemt in een AI-verandering, en over de menselijke component die uiteindelijk het verschil maakt. Goed materiaal als je in een MT-rol zit en de organisatie-verandering moet leiden.

4. The Diary of a CEO (Steven Bartlett) — Engels

Voor wie het Engels niet schuwt: Bartlett heeft de afgelopen weken meerdere afleveringen gepubliceerd waarin AI direct of indirect het onderwerp was. Specifieke afleveringen over AI-veiligheid en de impact op werk waren in mei 2026 in mijn top vijf voor reflectie. Bartlett heeft de kunst van het luisterende interviewen onder de knie — hij laat experts uitpraten in plaats van ze te corrigeren. Dat maakt deze podcast bij vlagen waardevoller dan alle Nederlandse podcasts samen, simpelweg omdat het je een uur leven met een gedachte.

Eén waarschuwing: Bartlett is niet altijd kritisch genoeg op zijn gasten. Sommige afleveringen voelen als een mini-promotievoertuig voor het boek van de gast. Dat moet je weten als je luistert. Filter zelf.

5. Het AI-tussenuurtje (Marcel Mutsaarts & Tom Naberink) — Nederlands, met onderwijsfocus

Ik luister hier niet structureel naar, omdat hun focus op onderwijs ligt. Maar als ik het over één aflevering moet zeggen die voor onze beroepsgroep relevant was: een aflevering uit maart over hoe AI-chatbots verschuiven van assistenten naar zelfstandige agents. Klopt naadloos met wat ik hierboven over Caseware Verity en Claude Opus 4.8 schrijf. Soms hoor je het in een andere setting beter uitgelegd.

6. Een aanbeveling voor de doelgroep — het podcastinterview op Accountancy Vanmorgen "Accountant wordt AI-manager"

Op 5 mei publiceerde Accountancy Vanmorgen een podcastinterview onder de titel "Accountant wordt AI-manager: rol verschuift sneller dan gedacht". Dit verdient een speciale vermelding omdat het — voor zover ik kan inschatten — een van de scherpere stukken is over wat AI met onze beroepsidentiteit doet. Niet zozeer over de tools. Wel over wie wij worden als die tools werk overnemen.

De kern: de accountant verandert van uitvoerend professional naar regisseur van AI-uitvoering. Dat klinkt op zich onschuldig, maar het raakt onze hele opleidingsstructuur, onze certificering, onze tuchtorde, onze marges. De spreker — een AI-governance-specialist — heeft het over een transitie van 5-10 jaar. Ik denk eerlijk gezegd korter. Maar zelfs op de termijn van vijf jaar is dit een reset.

Hoe ik podcasts inzet in mijn praktijk

Een korte tip die ik in cursussen vaak deel: maak een eigen ritme. Niet "ik moet alle AI-podcasts bijhouden". Wel "ik luister elke maandagochtend tijdens het tandenpoetsen naar één 15-minuten-aflevering van de week". Dat is genoeg. Dat zorgt ervoor dat je in vijf à tien weken een mentaal model opbouwt over waar de industrie staat.

Combineer dat met de Lecture-modus van NotebookLM die ik hierboven beschreef. Importeer een lange aflevering, vraag een samenvatting in lecture-stijl, beluister die in 10 minuten. Voor wie weinig tijd heeft maar veel wil meekrijgen, is dat een serieuze hack.

Tot slot

Vergeet niet dat luisteren passieve verwerking is. Voor wie écht wil leren, blijft lezen plus toepassen de gouden combinatie. Maar als secundaire stroom — om de horizon te verbreden, om context te krijgen, om te horen hoe anderen het verwoorden — zijn deze podcasts een aanvulling die ik niet meer zou willen missen.


9️⃣Twee handboeken die nu klaar zijn — een persoonlijke aankondiging

Tot slot iets eigens. Twee handboeken die ik de afgelopen maanden heb afgerond en die deze week beide hun definitieve vorm hebben gekregen. En dit is direct waar de cirkel van deze editie sluit: dit zijn de twee boeken die ik bij mijn Power Automate-cursus van afgelopen donderdag, en bij mijn AI-agents-cursus van komende dinsdag, als huiswerk meegeef.

Eerste boek: "AI-, RPA en IPA in de accountantspraktijk" — voor SRA Educatie

Cursusmateriaal dat ik voor SRA Educatie heb geschreven, eerste editie 2026. Vier delen. Deel A — de wereld verandert, en jij verandert mee. Deel B — de drie pijlers: RPA, IPA en AI-agents, elk hoofdstuk praktisch en hands-on. Deel C — strategie en kantoorbrede toepassing. Deel D — sjablonen, checklists, begrippenlijst.

Het boek opent met een scene van Sandra van Doorn, RA in Breda, op een dinsdag in februari. Twee versies van dezelfde dag — één zonder automatisering, één met. Het verschil is niet talent. Niet werkethiek. Niet uren. Het is alleen of zij die ene weekendinvestering heeft gedaan om een paar simpele flows op te zetten. Drie maanden later: lege to-do-lijst om vijf uur, gevoel van bijdrage. Of: voortdurend brandjes blussen tot half zeven.

Sandra is een compositie. Maar het patroon is wat ik bij ieder kantoor zie waar ik gastles geef.

In het voorwoord schrijf ik ook over mijn eigen vroege blunders met AI-agents. Met dezelfde les die in het hele boek terugkomt: automatisering zonder controle is een recept voor rampen. Mens-in-de-lus. Altijd.

Tweede boek: "Power Automate voor accountants en belastingadviseurs" — Blauwe Vrijdag

Mijn eigen handboek, uitgegeven door Blauwe Vrijdag. Definitieve versie 26 mei 2026 — letterlijk deze week. Tien hoofdstukken in twee delen. Deel I is theorie: wat is Power Automate, welke flows zijn er, wat kost het, wanneer rendabel. Deel II is praktijk: je eerste flow bouwen — drie concrete voorbeelden (e-mailbijlagen automatisch opslaan per klant; wekelijkse takenlijst op maandagochtend; een knop voor snelle tijdregistratie); triggers en acties; foutafhandeling en monitoring; geavanceerde flows; integratie met andere tools.

Wat het anders maakt dan de zoveelste Microsoft-cursus: dit is geschreven door een fiscalist, voor fiscalisten en accountants. Geen Microsoft-evangelisme. Wel: hier loop je tegen aan, hier zit de licentievalkuil, hier kostte het mij twee uur omdat ik dynamische inhoud niet kon vinden, hier maak ik de tien meest gemaakte beginnersfouten — met oplossing.

Hoe dit aansluit bij deze editie

Niet om te verkopen — ik weet dat het ongemakkelijk voelt om je eigen boek te noemen in een Vuurtoren — maar omdat het inhoudelijk direct aansluit bij wat ik hierboven schreef.

Het Caseware Verity-verhaal van artikel 1 → in het AI-agents-handboek staat wat een agent is, waar het verschil zit met RPA, en waar je het wel en niet zinvol inzet.

De vier-ogen-controle 2.0 van artikel 2 → in het Power Automate-handboek wordt dit concreet uitgewerkt: hoe bouw je een flow die betalingen automatisch tegen een whitelist toetst, welke triggers, welke verificaties.

Het "één tool per kwartaal"-advies van artikel 6 → in het Power Automate-handboek is dit een week-voor-week stappenplan.

Dat is wat er ligt. Twee boeken, beide deze week af. Niet meer en niet minder dan dat. Ik vertel het je hier omdat ze er zijn — niet omdat ik je iets wil verkopen.


De rode draad — een laatste reflectie

We hebben vandaag zeven nieuwsfeiten besproken. Caseware Verity. De AFM-waarschuwing met €750 miljoen. KPMG met 75%. De Belastingdienst-driehoek. De AI Act omnibus. NotebookLM en Gemini Spark. En Claude Opus 4.8 met Dynamic Workflows.

Wat verbindt ze?

Lees ze nog eens in samenhang. Wat doe je dan?

Je ziet een patroon. We zijn voorbij het experiment. We zijn voorbij de pilot. We zijn voorbij "ik probeer AI uit". We zijn — op verschillende fronten tegelijk — beland in de fase waarin AI gewoon onderdeel is van het werk. Workflow-native bij Caseware. Driekwart bij KPMG. Agentic bij de fiscus. Dynamic bij Anthropic. Realiteit bij de AFM.

Dat is niet hetzelfde als "wij allemaal hebben het ingericht". Verre van. Veel kantoren zitten nog ergens halverwege "denken erover na" en "een collega heeft er eens iets mee gedaan". Maar de richting van de industrie is duidelijk. En de afstand tussen voorlopers en achterblijvers begint nu meetbaar te worden — in productiviteit, in marges, in cliënttarief, in junior-bezetting.

De keuze is — en dit klinkt clichématig, maar ik bedoel het serieus — aan jou. Niet vandaag. Niet "ja of nee tegen AI". Maar in welke richting beweegt jouw kantoor over twaalf maanden? In welk percentage van de adoptiecurve sta je over twee jaar? En wat ga je deze week doen om die positie actief te kiezen?

Bel die Caseware-vertegenwoordiger. Schrijf dat fraudeprotocol. Maak die taken-tabel. Probeer Claude of GPT-5.5 met een echte werkvraag. Iets. Klein. Maar nu.

Want dit is de week waarin de optelsom kantelde van "kan zoiets niet later?" naar "het is later". En dat is, denk ik, het meest relevante om vanmorgen tegen je te zeggen.

Een laatste, persoonlijke gedachte over wat dit alles betekent

Voordat ik afsluit, één ding nog. Ik schrijf deze Vuurtoren niet om je het gevoel te geven dat je achterloopt. Echt niet. Als je deze brief opent en denkt "oei, ik moet allemaal nog beginnen" — dan is dat niet wat ik wil dat je voelt. Want eerlijk: vrijwel iedereen die ik in onze sector tegenkom heeft het gevoel achter te lopen. Dat is — paradoxaal — een teken van engagement. Mensen die het ergens om geven, voelen zich nooit klaar.

Wat ik wel hoop dat deze brief doet, is je rust geven in de richting. Niet alles tegelijk. Niet alles morgen. Maar één concreet ding deze week. Daarna één concreet ding volgende week. Dat is genoeg. Dat is — letterlijk, in optelling — meer dan wat een grote meerderheid van de Nederlandse kantoren doet.

Mijn antwoord aan mensen die zeggen "ik weet niet waar ik moet beginnen" wordt steeds eenvoudiger: begin bij iets dat klein genoeg is om vanavond te doen.

Niet "ik ga een AI-strategie voor mijn kantoor uitwerken". Wel "ik open Claude vanavond en stel hem één werkvraag waarvan ik nu nog niet weet wat het antwoord wordt".

Niet "ik ga Caseware Verity laten installeren". Wel "ik bel maandag mijn account manager voor een kort verkennend gesprek".

Niet "ik bouw een fraudeprotocol uit". Wel "ik zet vrijdagmiddag een uur in de agenda om de checklist hierboven door te lezen, met één collega samen, en te bedenken welke twee punten we direct kunnen invoeren".

Klein. Maandagochtend. Echt. Eén ding.

Dat is wat ik je vandaag wil meegeven. Niet de adoptie-cijfers van KPMG. Niet de €750 miljoen van de AFM. Niet de honderden subagents van Anthropic. Maar die ene kleine, concrete actie.

Als je deze brief sluit met één voornemen — al is het een héél klein voornemen — dan is dit voor mij een succesvolle ochtend geweest.

🟦 Denk blauw. Werk slimmer. Deel kennis.

— Ron

PS: Donderdagnacht half twee klaar. Zaterdagochtend deze brief geschreven. Dinsdag voor het eerst de AI-agents-cursus geven. Ergens daartussen zit ook nog gewoon kantoorwerk. En thuis Natasja, Julia en Lotte — onze meiden zijn allebei al in de twintig, en het is gek hoe dat gaat: je denkt dat je tijd hebt en opeens staat er een volwassen kop tegenover je aan de keukentafel. Het is een vol seizoen. En toch — als ik eerlijk ben — wil ik het niet anders. Dat ene moment in de zaal, die ene blik bij een cursist die het voor het eerst snapt, dat tilt heel veel zwaarte op. Dank je dat je leest.