• Authentiek
  • Oprecht
  • Creatief en deskundig

Claude Legal of GenIA-L: doen of toch maar niet?

Claude Legal of GenIA-L: doen of toch maar niet? Ik zie de tijdwinst. Ik zie ook de dossiers die je nooit zomaar in een chatbot moet gooien. Iedereen wil sneller. Logisch.

Mijn korte antwoord: ja, gebruik Claude Legal of GenIA-L gerust voor voorbereidende taken. Maar laat de tool nooit het vaktechnische oordeel, de broncontrole of de verantwoordelijkheid overnemen. Een contract van vijftig pagina’s, drie bijlagen en een deadline die natuurlijk gisteren al had moeten zijn: dan is het niet raar dat je naar zo’n hulpmiddel kijkt. Laat het verschillen zoeken, rode vlaggen op een rij zetten en een eerste opzet voor een memo maken. Het scheelt tijd. Soms heel veel tijd.

De keuze is bovendien niet alleen technisch. Claude for Legal, in de praktijk al snel Claude Legal genoemd, is het juridische pakket dat Anthropic in mei 2026 lanceerde: twaalf plug-ins per rechtsgebied en ruim twintig koppelingen met legaltech-systemen, voor contracten, e-discovery, juridisch onderzoek en documentbeheer. Breed dus, maar wel gebouwd voor de Amerikaanse markt: de koppelingen richten zich op Amerikaanse en Britse systemen en over opslag van gegevens binnen de EU doet de lancering geen toezegging. GenIA-L van Lefebvre Sdu is ontwikkeld voor legal, tax en regulatory werk, werkt op de eigen juridische en fiscale bronnen van de uitgever en sluit daardoor inhoudelijk dichter aan op de Nederlandse adviespraktijk. Dat kan een voordeel zijn. Maar ook bij een specialistische tool blijft dezelfde vraag staan: welke bron zit erachter, welke gegevens geef je weg en wie controleert de conclusie?

Geen extra collega, hoe goed hij ook klinkt

Laten we niet doen alsof het een extra collega is. Een collega weet wanneer hij iets niet begrijpt. Die belt even, kent de cliënt en herinnert zich dat ene gesprek van vorige maand. Claude niet. Claude ziet alleen wat je erin stopt. En als je het model een fout uitgangspunt geeft, krijg je daar vaak een prachtig geschreven antwoord op terug. Dat maakt het verraderlijk.

Mijn uitgangspunt is daarom niet ingewikkeld: gebruik het gerust voor het voorbereidende werk. Maar wie denkt dat een tool een fiscaal oordeel, een juridische conclusie of een Wwft-afweging kan overnemen, koopt vooral schijnzekerheid. De handtekening is nog steeds van ons. Dus de verantwoordelijkheid ook.

De wet kijkt gewoon mee

De AI Act is er inmiddels gewoon, al is het beeld net veranderd. Sinds 2 februari 2025 gelden de verboden toepassingen en de plicht om mensen die met AI werken voldoende kennis mee te geven, de zogeheten AI-geletterdheid. Sinds 2 augustus 2025 gelden de regels voor aanbieders van grote taalmodellen, en per 2 augustus 2026 werd de verordening grotendeels van toepassing, inclusief transparantieverplichtingen. Maar let op: met de digitale omnibus heeft Brussel de zware verplichtingen voor hoog-risicosystemen inmiddels uitgesteld, grofweg naar eind 2027 en 2028. Wie roept dat je vandaag al aan het volledige hoog-risicoregime moet voldoen, loopt dus op de zaken vooruit. En wie denkt dat er nog niets geldt, loopt achter.

Dat klinkt groot, maar in de praktijk gaat het over gewone vragen. Weten je collega’s wat een model wel en niet doet? Snappen ze dat een zelfverzekerde alinea geen bewijs is? Weten ze wanneer ze moeten stoppen en iemand erbij moeten halen?

Niet ieder gebruik van Claude is meteen hoog risico. Een openbare tekst laten samenvatten is iets anders dan AI gebruiken om cliënten te selecteren, een fraude-indicatie te wegen of een financieel oordeel voor te bereiden. Maar het is ook geen vrijbrief. Hoe meer een uitkomst invloed heeft op een cliënt, hoe beter je moet kunnen uitleggen wat de tool deed, waarom je hem gebruikte en wie de uitkomst heeft gecontroleerd.

Dan de AVG. In ons werk zit bijna alles vol persoonsgegevens: namen, inkomens, e-mails, identificatiegegevens, UBO’s, soms BSN’s en soms informatie die je al helemaal niet wilt laten rondzwerven. Zodra je zoiets in een prompt zet of een dossier uploadt, verwerk je persoonsgegevens. “We gebruiken een professionele licentie” is dan een begin, geen eindstation.

Ik zou altijd willen weten waar de gegevens terechtkomen, hoe lang ze blijven staan en wie erbij kan. Worden ze gebruikt om modellen te verbeteren? Zijn er subverwerkers? Staat de verwerking in de EER of niet? Kunnen we informatie verwijderen wanneer een cliënt daarom vraagt? De Autoriteit Persoonsgegevens is daar duidelijk over: generatieve AI kan in meerdere stappen van de keten persoonsgegevens raken. Dat moet je dus vooraf uitzoeken, niet wanneer het misgaat.

En dan de Wwft: nuchter blijven

Juist daar vind ik dat we nuchter moeten blijven. Voor Wwft-relevante dienstverlening blijven accountants en belastingadviseurs zelf verantwoordelijk voor cliëntenonderzoek, de UBO, de risico-inschatting en eventuele meldingen. Een tool kan helpen bij het structureren van een dossier. Prima. Hij kan niet zien of een identiteit echt is geverifieerd, of een constructie klopt of waarom een betaling in deze specifieke cliëntrelatie vreemd is. Dat vraagt dossierkennis én professioneel oordeel.

Een AI-signaal is daarom geen bewijs. Het is hooguit een reden om verder te kijken. Andersom geldt hetzelfde: als de tool geen risico ziet, is het risico niet ineens verdwenen. Wie een ongebruikelijke transactie moet beoordelen, heeft meer nodig dan een goed geformuleerd antwoord. Die moet de stukken kennen, de cliënt begrijpen en zijn afweging kunnen uitleggen.

Niet groot beginnen. Slim beginnen.

Ik zou niet starten met een groot programma, een indrukwekkende presentatie en een kast vol beleid. Pak drie dingen die laagdrempelig zijn: een openbare tekst samenvatten, twee versies van een overeenkomst naast elkaar leggen en een interne vragenlijst laten opstellen. Gebruik eerst materiaal dat geanonimiseerd is of geen cliëntinformatie bevat. En laat ervaren mensen ernaast zitten.

Dan zie je snel waar het echt iets oplevert. Soms mist een model een uitzonderingsbepaling. Soms haalt het twee artikelen door elkaar. Soms geeft het drie keer op dezelfde vraag drie verschillende accenten. Dat is niet erg, zolang je het ontdekt voordat een cliënt erop vaart. Een proef is pas geslaagd als je ook weet waar de tool níet goed in is.

Maak ook harde afspraken over wat er niet in mag. Geen BSN’s. Geen kopieën van paspoorten. Geen complete Wwft-dossiers. Geen ongefilterde mailboxen omdat het “wel handig is als Claude even alles doorneemt”. Dat is geen praktische oplossing, dat is een datalek met uitstel van uitvoering.

En wees precies over controle. “Er kijkt nog iemand naar” betekent in de praktijk vaak: niemand weet meer wie waarvoor verantwoordelijk was. Spreek liever af dat bij een contractanalyse de bronbepalingen worden teruggelezen. Bij een fiscale notitie worden wet, datum, overgangsrecht en conclusie gecontroleerd. En bij Wwft-zaken komt een AI-uitkomst nooit zonder eigen beoordeling in een besluit of melding terecht.

Hetzelfde geldt voor de leverancier. Kijk niet alleen naar een geruststellende privacypagina. Kijk naar de versie die je koopt, de ingestelde bewaartermijn, toegangsrechten, logging en koppelingen met andere systemen. Een veilige omgeving is fijn. Maar als je er zonder nadenken te veel gegevens inzet, blijft het een slecht proces.

Claude Legal of GenIA-L: ja, maar niet op de automatische piloot

Ik zou Claude Legal of GenIA-L dus niet aan de kant zetten. Daarvoor zijn ze te bruikbaar. Ze kunnen saaie voorwerkuren teruggeven aan mensen die juist hun tijd nodig hebben voor vragen, nuance en advies. Maar ik zou ze ook nooit verkopen als een digitale jurist of een virtuele compliance officer. Dat is marketingtaal waar wij in dit vak niets aan hebben.

De echte toets is simpel. Is de tijdwinst groter dan de extra controle die nodig is? Blijft de kwaliteit overeind? Kun je aan een cliënt, toezichthouder of collega uitleggen hoe je met de gegevens en de uitkomst bent omgegaan? Als het antwoord daarop nee is, dan moet je nog niet opschalen.

De AI Act, de AVG en de Wwft trekken eigenlijk dezelfde lijn. Wees zorgvuldig met gegevens. Ken de beperkingen van je hulpmiddel. Laat een mens het besluit nemen. Dat is niet ouderwets. Dat is precies waarom cliënten bij een accountant of belastingadviseur aankloppen.

Wat ik maandag zou regelen

Ik zou één A4 maken. Daarop staat wat wel mag, wat niet mag, in welke omgeving je werkt en wanneer een tweede paar ogen verplicht is. Niet als dik beleidsstuk voor in een map, maar als iets waar mensen echt mee kunnen werken. Bespreek het met het team aan de hand van een paar geanonimiseerde dossiers. Dan merk je meteen welke vragen nog openstaan.

Mijn regel zou zijn: zit er vertrouwelijke cliëntinformatie, Wwft-informatie, een persoonsgegeven of een materiële fiscale of juridische conclusie in? Dan niet zomaar plakken en klikken. Eerst nadenken. Daarna pas gebruiken. Bij twijfel: niet uploaden.

Claude Legal of GenIA-L mag van mij best de collega voor het eerste uur zijn. Maar niet degene die het laatste woord heeft. Dat laatste woord is ons werk.

Veelgestelde vragen

Is Claude Legal of GenIA-L geschikt voor accountants en belastingadviseurs?

Ja, voor afgebakend voorbereidend werk, zoals samenvatten, vergelijken en het maken van een eerste interne opzet. Niet als vervanger van vaktechnische beoordeling, cliëntenonderzoek of een besluit over een Wwft-melding.

Mag je cliëntgegevens in een juridische AI-tool zetten?

Het korte antwoord: ja, dat mag, maar alleen in een zakelijke omgeving waarin je vier dingen geregeld hebt. Niet in een gratis versie of een privéaccount, en nooit zomaar.

Eén: de rolverdeling en de verwerkersovereenkomst. Zodra de leverancier cliëntgegevens verwerkt in jouw opdracht, is hij verwerker en ben jij verwerkingsverantwoordelijke. Een verwerkersovereenkomst is dan geen keuze maar een harde eis van art. 28 AVG. Daarin regel je dat de leverancier alleen op jouw instructie verwerkt, passende beveiliging biedt (art. 32 AVG), subverwerkers alleen met jouw goedkeuring inschakelt, gegevens na afloop verwijdert of teruggeeft en meewerkt aan audits en datalekmeldingen. En let op het addertje: bij consumentenversies van chatbots treedt de leverancier voor het trainen van zijn modellen vaak op als zelfstandig verwerkingsverantwoordelijke. Dan wordt er niets “in jouw opdracht” verwerkt, is er geen verwerkersovereenkomst en is het antwoord dus nee. Gaan gegevens buiten de EER, dan moet ook de doorgifte kloppen (hoofdstuk V AVG).

Twee: grondslag, doelbinding en minimalisatie (art. 5 en 6 AVG). Je verwerkt alleen wat nodig is voor het doel, dus geen compleet dossier uploaden als drie geanonimiseerde alinea’s volstaan. Sluit contractueel uit dat jouw invoer wordt gebruikt om modellen te trainen. Bij structureel gebruik in je werkprocessen hoort een DPIA (art. 35 AVG). De Autoriteit Persoonsgegevens waarschuwt bovendien dat persoonsgegevens in meerdere schakels van de GenAI-keten terecht kunnen komen.

Drie: de Wwft. Het cliëntenonderzoek en de beoordeling van ongebruikelijke transacties blijven van jou (art. 3 en 16 Wwft). En informatie die raakt aan een gedane of voorgenomen melding deel je helemaal nooit met een externe tool: de geheimhoudingsplicht van art. 23 Wwft verbiedt zelfs het prijsgeven dát je meldt of overweegt te melden.

Vier: de AI Act en je beroepsregels. Sinds 2 februari 2025 moet iedereen die op de werkvloer met AI werkt daarvoor voldoende zijn toegerust (art. 4 AI Act, de AI-geletterdheid), en je beroepsgeheim als belastingadviseur of accountant weegt daar nog eens bovenop.

De vuistregel voor de werkvloer: zakelijke omgeving met getekende verwerkersovereenkomst en training op jouw data uitgesloten, minimale en waar mogelijk geanonimiseerde invoer, nooit informatie over Wwft-meldingen, en bij twijfel niet uploaden.

Wat is de belangrijkste regel bij AI in de adviespraktijk?

De mens blijft verantwoordelijk. Controleer bronnen, feiten en conclusies vóórdat een uitkomst in een cliëntdossier, advies, acceptatiebesluit of Wwft-proces terechtkomt.

Bronnen

Verordening (EU) 2024/1689 (AI Act), EUR-Lex

Verordening (EU) 2016/679 (AVG), EUR-Lex

Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft), wetten.overheid.nl

Autoriteit Persoonsgegevens, Handreiking generatieve AI en de AVG

ICTRecht over de digitale omnibus en het uitstel van de hoog-risicoverplichtingen

Global Legal Post over de juridische uitbreiding van Claude

Lefebvre Sdu over GenIA-L

Dit artikel is een algemene opinie en geen juridisch advies. Controleer actuele wet- en regelgeving en de contractvoorwaarden van de gekozen AI-dienst voordat u deze inzet.

Benieuwd of jij dit allemaal al wist? Doe de gratis AI Kennistest. Vijf minuten, nul persoonsgegevens nodig en het enige risico is een kleine deuk in je ego.

🟦 Denk blauw. Werk slimmer. Deel kennis.


Ron Meijer RB
Over Ron

Vakinhoud, AI-voorsprong en 20 jaar praktijkervaring

Ron Meijer RB is registerbelastingadviseur met 20 jaar ervaring in de fiscale praktijk en voorzitter van de Commissie AI & Digitalisering van het Register Belastingadviseurs (RB). Daarnaast is hij oprichter van Blauwe Vrijdag en auteur van het veelverkochte vakboek AI in de fiscale praktijk en van de wekelijkse nieuwsbrief De Fiscale Vuurtoren over AI in het vak. Hij is een veelgevraagd spreker en trainer en verzorgt AI-cursussen voor beroepsorganisaties en kantoren, waaronder SRA, Lefebvre Sdu en NOAB. Ook Blauwe Vrijdag zelf verzorgt AI-cursussen voor belastingadviseurs en accountants.

Meer over Ron Meijer RB →

🔦 De Fiscale Vuurtoren

AI verandert ons vak sneller dan ooit. De Fiscale Vuurtoren is het licht in onzekere tijden: mijn (bijna) wekelijkse nieuwsbrief voor honderden accountants, belastingadviseurs, juristen en advocaten. Geen hype, maar houvast — verhalen uit de praktijk, prompts en tools die je maandag al kunt gebruiken. Meld je hieronder aan en vaar op zeker.

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
Naam(Vereist)
E-mailadres(Vereist)
Privacy(Vereist)


Blij met mijn tip?

Wees sportief en gun mij een kop koffie 😉.